Geloof geeft rust.
Vijf jongeren over hun weg naar God, vriendschap, twijfels en hoop.
In deze editie van de Geloofsgesprekken spreken we niet met één persoon, maar met vijf jongeren uit onze parochie. Allen laten zich binnenkort vormen, of zijn al gevormd. Wat volgt, is een bijzonder openhartig gesprek over hun weg naar het geloof, hun ervaringen met gebed, de Heilige Geest, vergeving, struggles, humor, actualiteit en hun hoop voor de toekomst van de kerk.
De groep bestaat uit Niels, Max, Tori, Tom en Bodil. Vijf jonge mensen met verschillende achtergronden, opleidingen en levensverhalen. Wat hen verbindt? Geloof geeft rust. En het bracht hen bij elkaar.
Hoe hun geloof begon
“Het geloof viel weg… en toch kwam het terug,” vertelt Niels.
Hij werd als kind gedoopt, deed zijn communie, en daarna verdween geloof langzaam naar de achtergrond.
“Mijn oma bad wel, dat maakte indruk. Maar zelf deed ik er weinig mee.”
Tot social media, video’s en gesprekken hem opnieuw begonnen te raken.
“Ik merkte dat het me rust gaf. Ik ging weer naar de kerk en vond mijn weg terug.”
Ook Max herkent dat wegvallen en opnieuw beginnen.
Bij hem werd het geloof opnieuw wakker toen zijn oma overleed.
“Dat was een zware periode. Ik zocht iets om me aan vast te houden. Niels zei: probeer het eens. En het hielp. Ik werd rustiger. En ja, ik hoop echt dat oma bij Christus is.”
Bij Tori ontstond geloof na een begrafenis in de kerk.
“Het raakte me zó. Ik wilde het begrijpen. Het vormsel voelde als een ontbrekend stukje. Soms merk ik echt iets van rust of kracht na de kerk. Het doet iets met je.”
Tom vertelt dat hij eigenlijk zonder duidelijke reden begon.
“Beetje groepsdruk misschien. Maar gaandeweg merkte ik rust. Alsof je bij iemand je problemen kwijt kunt, zonder oordeel. Dat vond ik prachtig.”
Bodil werd niet gelovig opgevoed, maar ontmoette via online gamen een groep protestantse jongeren.
“Ze hadden het vaak over geloof. Later ontmoette ik Niels en Max in de sportschool, en zij vroegen of ik mee ging naar de kerk. Ik stond er al voor open. Voor mij is dat geen toeval. Ik zie daar echt Gods leiding in.”
Wat geloof met hen doet
De jongeren benoemen opvallend vaak rust als het grootste effect van hun geloof.
Niels: “Vroeger piekerde ik veel. Nu denk ik: God heeft een plan. Ik kijk wel wat Hij van mij wil.”
Max: “Het gaf me hoop toen ik dat het meest nodig had.”
Tom: “Je kunt bij God je last neerleggen zonder oordeel. Dat geeft zoveel rust.”
Tori: “Na de kerk voel ik me opgeladen, alsof ik de week beter aankan.”
Bodil: “Ik zie patronen in hoe dingen lopen. Mensen die ik ontmoet. Situaties die oplossen. Toeval geloof ik niet meer.”
Over de betekening van gebed.
In hun gebed vinden de jongeren richting, rust en soms zelfs heel concrete steun. Tom noemt vooral de regel uit het Onze Vader “zoals wij vergeven onze schuldenaren” betekenisvol. “Niemand is perfect,” zegt hij. “Vergeving verandert niet alleen de ander, maar ook jezelf.”
Hoe zij God aanspreken, verschilt.
Tori voelt de meeste verbinding met de Heilige Geest: “Dat is dichtbij. Dat zie je gebeuren in je leven.” Niels benadrukt de samenhang:
“De Vader, de Zoon, de Geest — het hoort bij elkaar. Jezus laat zien wie God is, de Geest begeleidt ons.”
Bodil bidt vooral tot God, maar ziet de werking vaak via de Geest: “De hulp komt soms op manieren die je niet kunt uitleggen.”
Ook ervaren ze dat gebed soms zeer concreet werkt.
Bodil: “Niet letterlijk, maar door de dag heen worden dingen duidelijk. Soms opent de weg zich gewoon.”
En Tori vertelt over haar gebed voor een succesvol rijexamen, waar niemand vanaf wist. In de auto hoorde ze ineens ‘What if God was one of us’: “Ik voelde: het komt goed. En het kwam goed.”
Humor, vriendschap en kerkverhalen
Hoewel het gesprek vaak diep en serieus is, komt er juist in de luchtige momenten veel los. Humor blijkt voor de jongeren een verrassend belangrijk onderdeel van hun geloofsweg; ze zien het als iets dat verbindt en ontspant.
Er wordt gelachen om de keer dat er veel te veel wierook in de houder was gedaan. “We kwamen dat hok binnen en we zagen écht niets meer. Je kon amper ademen,” vertellen ze lachend. En dan is er pastoor Frank, met zijn bekende zelfspot, die altijd lijkt te weten wanneer een baby in de kerk huilt. “Dat zal wel om mij zijn,” zegt hij dan.
Tori vult aan: “Die ongemakkelijke eerste keren in de kerk zijn echt lachwekkend… Moet je nu staan, zitten, knielen? Je kijkt maar een beetje wat anderen doen.”
Zo is geloof niet alleen diepgang, maar ook heel menselijk. In zoeken, lachen en delen ontstaan vriendschappen. Humor brengt jong en oud dichter bij elkaar juist daar waar het geloof wordt gevierd.
Wat ze lastig vinden aan geloven
Verschillen in interpretatie
Protestant, Katholiek, Joden, het is soms lastig te ontdekken wie God is en hoe je op de juiste manier geloofd. “Ieder zijn eigen manier is heel mooi, maar soms ook verwarrend,” zegt Tori.
Geloof is niet tastbaar
Tom: “Het is geen tafel of stoel. Soms ongrijpbaar.”
Strijd met zonde
Bodil: “Ik wil het goede doen, maar soms doe ik het tegenovergestelde. Elke dag begin ik opnieuw.”
Niels herkent dat meteen: “De wereld zit vol verleiding. Scrollen, eten… je weet soms dat je het niet wilt, en toch gebeurt het.”
Ze halen hierbij Paulus aan: ‘Ik doe niet het goede dat ik wil, maar het kwade dat ik niet wil.’ Dat herkennen ze allemaal.
Over dood, eeuwig leven en angst
Het wordt even heel serieus.
Bodil: “Ik ben niet bang voor mijn eigen dood. Ik geloof dat ik naar een goede plek ga. Maar de dood van anderen? Dat vind ik moeilijk.”
Tom: “Eeuwig leven is ook af en toe wel een beetje eng. Maar het is eeuwig bijzijn van God. Het is niet eeuwig leven zoals we nu leven.”
Niels: “De Bijbel zegt: wees waakzaam. Je weet niet wanneer het moment komt.”
En Max voegt met humor toe: “Je weet maar nooit, misschien valt die gast hier straks ineens om!”
De toekomst van de kerk: hoe bereiken we jongeren?
De jongeren zijn opvallend eensgezind:
Social media is essentieel
“Daar zitten jongeren. Als je daar zichtbaar bent, werkt dat,” Influencers hebben veel invloed, zegt Niels. Ook voor de parochie als je mensen van de eigen leeftijd laat zien zet dat aan.
Begin niet met regels, maar met liefde
Bodil: “Ik ben zelf ook niet binnengekomen omdat iemand zei wat ik niet mocht. Ik kwam binnen door liefde en zachtheid.” De ouders van vrienden vroegen hem, heb je dan niemand aan wie je ’s avonds je zorgen aan kwijt kan? Dat zetten hem aan het denken. Kom naar God toe, we kunnen helpen. Er zijn veel regels verteld en niet het goede beeld van Jezus.
Jongeren zelf spelen een sleutelrol
Tom: “Veel jongeren zijn zoekend. Wij kunnen elkaar trekken.”
En Pastor Isabel, die er ook bij is, spreekt over Niels: “Hij is onze missionaris. Spreekt mensen aan in de sportschool: ‘Ik ga voor je bidden. Kom je mee naar de kerk?’”
Ook vertellen ze hoe spannend het voor veel jongeren is om voor het eerst een kerk binnen te stappen, bang om iets verkeerd te doen of ‘gek aangekeken’ te worden.
“Onze generatie wordt eerder vreemd aangekeken omdat we een keer in de week naar de kerk gaan dan omdat we drie keer per week in de kroeg staan,” grappen ze.
Maar juist daarom is uitnodigen zo belangrijk. Het werkt. Zo groeide deze groep.
Slot: hoop en dankbaarheid
Aan het einde van het gesprek klinkt warmte én verwachting:
“We hopen dat andere jongeren dit lezen en ook durven komen.”
“Geloof geeft rust. Dat gun je iedereen.”
“Het is niet altijd makkelijk, maar wel mooi.”
En wanneer het interview wordt afgerond, lachen ze:
“Succes met 40 minuten aan content!”
Wat overblijft is een eerlijk, ontroerend en krachtig verhaal van vijf jongeren die elkaar vonden in geloof en die laten zien dat geloof vandaag nog steeds leeft, groeit, raakt en verbindt

